Regelmatig bezoeken ons op het spreekuur trotse nieuwe hondeneigenaren voor de puppyvaccinaties met veel vragen over onder meer het beste voer voor hun pup. Vandaar aandacht voor deze vraagstelling. 

Energie-gehalte

Het is belangrijk te beseffen dat de jonge hond, met name behorende tot de grote rassen een zeer sterke groei doormaakt en wel vooral in de eerste 6 maanden.  Door deze explosieve groei heeft een pup een tweemaal zo grote energiebehoefte dan een volwassen hond van hetzelfde gewicht. Daarentegen heeft de pup echter nog maar een beperkte maaginhoudOm er toch voldoende energie in te krijgen zal het duidelijk zijn dat een puppy­voer dus een voldoende hoog (hoger dan voor volwassen individu) energiegehalte moet hebben, smakelijk moet zijn en gemakke­lijk verteerbaar (opname door het maag-darmkanaal). Bovendien moet het 3 tot 4 malen per dag verstrekt worden, omdat de nog kleine maag niet al het voedsel in één keer kan bevatten.

Eiwitten

Het voer voor de pup moet een hoger gehalte aan hoogwaardige eiwitten hebben noodzakelijk voor de weefselgroei, zeg maar de opbouw van het lichaam.  Dit heeft in tegenstelling tot wat wel eens beweerd wordt geen schadelijk effect op de skeletontwikkeling.  

Calcium

Een vergrote kans op allerlei skeletafwijkingen treedt wel op als een pup van een groot ras er een te hoog gehalte aan calcium (‘Kalk’) en/of een te grote hoeveelheid voer krijgt.  Men geeft onherroepelijk teveel calcium wanneer men een mineralen-preparaat toevoegt aan een al uitgebalanceerd (‘compleet’) voer. Dit geldt des te meer wanneer dit voer geen puppyvoer is, maar bijvoorbeeld een voer voor de volwassen hond, waarin toch al meer calcium in verhouding tot het energie-gehalte zit.

 Hoeveelheid

Wat betreft het geven van te grote hoeveelheden geldt dat een pup nooit ‘vet’ mag worden, dus wanneer dit dreigt, dient er minder voer gegeven te worden. Over het algemeen kunt u zich houden aan de richtlijn op de verpakking. Hierbij dient wel bedacht te worden dat het om een richtlijn gaat die over het algemeen aan de hoge kant is. De hoeveelheid is uiteraard ook afhankelijk van de activiteit van de pup, welke per ras en individu sterk kan verschillen.  Pas dus altijd de hoeveelheid aan op de conditie van de hond (‘ribben goed voelbaar maar niet zichtbaar’).

Daar één en ander toch al ingewikkeld genoeg is, is ons algemene advies:

  •  Tot de pup 90% van het uiteindelijk volwassen lichaamsgewicht bereikt heeft (op 6-11 maanden leeftijd, afhankelijk van het ras; volledig puppyvoer van een goede kwaliteit (de bekende merken) geven. Hierin zit alles wat de pup nodig heeft en wilt U toch iets meer variatie (voor de hond niet echt noodzakelijk) dan nog moet minstens 80% van het voer uit volledig puppyvoer bestaan. 
  • Aanvankelijk 4 x per dag voeren en geleidelijk naar 2 x daags op 6 maanden. 
  • Voerwisselingen dienen altijd geleidelijk (in min.7 dagen) plaats te vinden (beetje bij beetje vermengen), dus ook als de pup aanvankelijk op een ingewikkeld menu staat op het moment dat u het hondje aanschaft, geleidelijk overschakelen.