Elleboogdysplasie is een vervelende en pijnlijke aandoening die ontstaat door een ontwikkelingsstoornis van de elleboog, die vooral bij grotere snelgroeiende honden voor komt.
De oorzaak is voor een deel erfelijk, maar omgevingsfactoren, zoals voeding en beweging spelen een rol. Elleboogdysplasie is de verzamelnaam van vier aandoeningen in het ellebooggewricht die leiden tot kreupelheid en artrose in het gewricht.
We spreken van elleboogdysplasie als één of meer van de volgende aandoeningen aanwezig is.

 

1 – LPC – Los Processus Coronoideus
2 – LPA – Los Processus Anconeus
3 – OCD – Osteochrondritis Dissecans
4 – EI – Elleboog Incongruentie

 

 

LPC en LPA

Bij beide aandoeningen is er sprake van een los stukje bot dat afkomstig is van de ellepijp. Het verschil in benaming wijst op de plaats waar het stukje bot vandaan komt.

 

OCD

Dit is een los stukje kraakbeen in het ellebooggewricht afkomstig van de opperarm. Onder het losse stukje kraakbeen zit vaak bot dat ontstoken is.

 

EI

Bij elleboog incongruentie is er sprake van een slechte pasvorm van de afzonderlijke gewrichtsvlakken van de 3 botten, die het ellebooggewricht vormen.

 

Hoe herken je elleboogdysplasie?

De belangrijkste symptomen zijn:

• stramheid na rust
• kreupelheid aan een of beide voorpoten. Dit kan na beweging verergeren
• pijn bij het aanraken van de elleboog
• zwelling van het ellebooggewricht

De meeste honden vertonen deze klachten tussen de leeftijd van 4 en 8 maanden. Om er zeker van te zijn dat het gaat om ED maakt de dierenarts röntgenfoto’s. Op een CT-scan is de aandoening vaak nog duidelijker te diagnosticeren.

 

 

Therapie

Een operatieve ingreep aan de elleboog is noodzakelijk om verdere schade (artrose) aan het ellebooggewricht te voorkomen.

 

Revalidatie

Een operatie aan de elleboog is een intensieve ingreep. Het herstel van de elleboog is mede afhankelijk van een goede revalidatieperiode die minstens 3-6 maanden duurt. De revalidatie bestaat uit het volgen van een trainingsschema waarbij u de hond meerdere malen per dag korte stukjes laat lopen. Het trainingsschema kan aangevuld worden met eventuele oefeningen. Bij goed verlopende revalidatie kan het herstel zodanig zijn dat uw hond klachtenvrij is en weer alles mag doen wat hij voorheen ook gedaan heeft.

 

Preventie

Het voorkomen van ED is beter dan genezen! Dat begint al bij het kiezen van de ouderdieren waarmee een nestje wordt genomen.
Om erfelijke factoren terug te dringen, worden ouderdieren van de rassen die voor deze aandoening gevoelig zijn röntgenologisch gescreend op ED. Zie hiervoor de procedure op de website van de Raad van Beheer…
Dit onderzoek wordt ook in de Vets en Pets klinieken aangeboden.
Een evenwichtige, matige voeding van honden in de groei draagt bij aan het voorkomen van ED. Daarbij speelt het Calciumgehalte in de voeding een erg belangrijke rol. Deze mag vooral niet te hoog zijn in de voeding. U kunt hiervoor het juiste advies krijgen bij de kliniek. Uiteraard heeft ook e een verantwoorde opbouw van de beweging van de pup een grote invloed.
We adviseren om alle honden die behoren tot de risicorassen rond de leeftijd van 6 maanden te laten onderzoeken, eventueel door middel van röntgenfoto’s (het zogenaamde voorröntgenen) op ED. Ook bij honden die meerdere malen kreupel zijn in het eerste levensjaar is het maken van röntgenfoto’s erg belangrijk. We kunnen dan wellicht tijdig behandelen om grote schade aan de gewrichten te voorkomen.